Westfriese families
Wapen van West-Friesland
 

Kwartaalbladen » 1968 (jaargang 9) » No. 1 » pagina 6-12

Uit het Trouwboek der gemeente Koedijk

159 huwelijken in de jaren 1657 t/m 1675.

In dit trouwboek werden alle huwelijken genoteerd van de ingezetenen van Koedijk en van degenen, die in Koedijk trouwden hoewel zij in andere gemeenten woonachtig waren.
Aangezien de gegevens van de echtparen vrij nauwkeurig werden opgeschreven is het mogelijk om na te gaan in hoeverre de Koedijkers trouwden met dorpsgenoten of met partners uit andere gemeenten en, indien dit laatste het geval was, welke plaats deze partner afkomstig was.
Verder kan worden nagegaan of de echtelieden voor de eerste maal in het huwelijksbootje stapten of dat één van beiden of beiden reeds eerder gehuwd waren geweest.
Vervolgens is het mogelijk om aan de hand van de namen van de huwelijkspartners na te gaan welke voornamen er in die tijd werden gebruikt en met welke frequentie.
Tenslotte is het mogelijk gebleken om het vernoemen bij de naamgeving aan de kinderen na te gaan.

Woonplaatsen

Om te beginnen met de plaatsen waar de. huwelijkspartners vandaan kwamen, kon worden gekonstateerd, dat van de 159 huwelijken in 55 gevallen beiden van Koedijk afkomstige waren, in 49 gevallen de man van Koedijk en de vrouw van een andere plaats, eveneens in 49 gevallen de vrouw van Koedijk en de man van een andere plaats en in de resterende 6 gevallen beiden van een andere plaats. In totaal waren bij deze huwelijken dus 208 Koedijkers betrokken en 110 anderen. Opvallend is de gelijke verhouding van mannen en vrouwen, die met niet-Koedijker trouwden. Deze niet-Koedijkers waren uit de volgende plaatsen afkomstig:

Alkmaar
Bergen
Broek op Langendijk
Egmond aan Zee
Enigenburg
Graftdijk
Heerhugowaard
Heiloo
Kalverdijk
Nauerna
Nieuwe Niedorp
Noord Scharwoude
Oterleek
Oudesluis
Oudkarspel
Oudorp
Petten
de Rijp
Schagen
Schagerbrug
Schermer
Schoorl
Schoorldam
Sint Maarten
Sint Pancras
Sloterdijk
Stavoren
Stroet
Waarland
Warmenhuizen
Westzaandam
Wieringen
Winkel
Zuid-Scharwoude
Zijpe
2 mannen
4 mannen
4 mannen
1 man
2 mannen
1 man
1 man
-
1 man
-
-
1 man
1 man
1 man
1 man
1 man
1 man
1 man
1 man
2 mannen
2 mannen
2 mannen
2 mannen
1 man
3 mannen
1 man
1 man

1 man
3 mannen

1 man
1 man
3 mannen
2 mannen
4 vrouwen
2 vrouwen
10 vrouwen
-
-
-
4 vrouwen
1 vrouw
1 vrouw
1 vrouw
1 vrouw
3 vrouwen
1 vrouw
-
1 vrouw
-
-
-
-
-
1 vrouw
3 vrouwen
4 vrouwen
1 vrouw
4 vrouwen
-
-
1 vrouw
-
-
1 vrouw
-
1 vrouw
4 vrouwen
-
6 totaal
6 totaal
14 totaal
1 totaal
2 totaal
1 totaal
5 totaal
1 totaal
2 totaal
1 totaal
1 totaal
4 totaal
2 totaal
1 totaal
2 totaal
1 totaal
1 totaal
1 totaal
1 totaal
2 totaal
3 totaal
5 totaal
6 totaal
2 totaal
7 totaal
1 totaal
1 totaal
1 totaal
1 totaal
3 totaal
1 totaal
1 totaal
2 totaal
7 totaal
2 totaal

49 mannen

49 vrouwen

98 totaal

Van deze huwelijkspartners waren er dus 74 (dat is 75%) afkomstig uit plaatsen binnen een straal van 10 km afstand van het dorp Koedijk, hetgeen in het geheel niet verwonderlijk is, gezien de vervoersproblemen van die tijd. Dat er van deze 74 personen 32 mannen en 42 vrouwen waren kan betekenen, dat de mannen in die tijd mobieler waren.
De overige 24 (dus 17 mannen en 7 vrouwen) kwamen, op één uitzondering na, toch ook uit de kop van Noord-Holland.
Van de 6 huwelijken tussen niet-Koedijkers onderling kwamen er van de echtelieden 5 uit Alkmaar, 2 uit Amsterdam, 1 uit Broek op Langendijk, 1 uit Heiloo, 1 uit Den Helder, 1 uit Oostzaan en 1 uit Warmenhuizen. Blijkbaar waren dit mensen die zich metterwoon in Koedijk gingen vestigen.

Jonggezel of weduwnaar

Nu een aantal gegevens over dezelfde huwelijken, echter een verdeling naar degenen, die voor de eerste maal huwden en degenen, voor wie dit geen eerste belevenis was.
Als jonggezel en jongedochter trouwden er 107 echtparen, als weduwnaar en weduwe 24 echtparen, als weduwnaar en jongedochter 18 echtparen en als jonggezel en weduwe 10 echtparen.
Geen opmerkelijke aantallen of opvallende uitkomsten. Veruit de meesten traden voor het eerst in het huwelijk en wel 242 mannen en vrouwen, terwijl de 76 anderen dit voor de tweede maal of wellicht zelfs voor de derde of vierde maal deden. Onder de laatstgenoemden waren dat dan 42 weduwnaars en 34 weduwen. Ook geen opvallende verschillen, hoewel hier toch wel blijkt, dat het eerder de weduwen zijn dan de weduwnaars, die alleen achterblijven en niet hertrouwen, temeer waar bekend is dat de levensduur van de vrouwen in het algemeen langer was dan die van de mannen.

Voornamen

Vervolgens een onderzoek naar de voornamen, zoals deze in de helft van de 17e eeuw in het dorp Koedijk voorkwamen en welke namen het meest in zwang waren in dit gedeelte van West Friesland, waar de bevolking nagenoeg geheel protestants was. Eerst dan de voornamen van de mannelijke huwelijkspartners:

2x Adriaen
1x Allard
1x Almer
6x Arian
3x Bouwen
4x Claes
28x Cornelis
8x Dirk
1x Frans
1x Freedrik
1x Garbrant
12x Gerrit
2x Harmen
1x Hasker
4x Hendrik
1 x Hilbrand
8x Jacob
33x Jan
1x Joris
2x Maerten
1x Michiel
1x Mouris
1x Olbrant
23x Pieter
2x Sijmon
1x Theunis
2x Volkert
4x Willem
3x IJff
1x IJsbrand

In feite zijn er maar drie voornamen, die bijzonder veel voorkeur schenen te hebben t.w. Jan, Cornelis en Pieter. Deze 3 van de 30 voornamen worden door 84 van de 159 bruidegoms gevoerd, dus door meer dan de helft van alle bruidegoms. De bekende voornamen Piet, Jan en Klaas worden hier dus niet geheel volgens de bekende zegswijze gebruikt. Voor Jan en Piet gaat dit geheel op, maar Klaas speeIde maar een zeer ondergeschikte rol in de naamgeving van die tijd, terwijl Cornelis juist "in" was.
Verder valt het op, dat alle drie meest gebruikste voornamen bij de mannen zijl afgeleid van "heiligennamen" en geen friese of germaanse oorsprong hebben.
Dan de voornamen van de vrouwelijke partners:

2x Aafje, Aef
5x Aegje, Aegt, Aegie
1x Aelbertie
2x Aeltje, Aeltie
2x Alijd
17x Anna, Annatje, Annatie
2x Ariaantie, Arian
2x Barbara, Barbar
3x Bregtje, Bregt
1x Catrijna
1x Cornelisje
3x Dieuwer, Dieuwertie
1x Duijfje
1x Fijke
1x Geertruijd
11x Griet, Grietje, Grietie
12x Guurt, Guurtje, Guurtie, Guurtien, Guijrt
2x Hillegont
9x Jannetie
8x Lijsbet, Bet
33x Maertje, Maartie, Maertien, Maert
2x Magtel
1x Maijke
1x Meijns
12x Neeltje, Neeltie, Neeltien, Neel
1x Reijnie
1x Stijn
21x Trijn, Trijntie
1 IJfke

Het aantal verschillende voornamen van de vrouwen is vrijwel gelijk aan dat van de mannen, maar de schrijfwijze en waarschijnlijk ook het spraakgebruik is zeer variabel. Meestal verklein-, vlei- en koosnamen, die uiteraard voor het zwakke geslacht in meerdere maate worden gebruikt.
Bijzonder veel voorkeur was ervoor de naam Maertje, terwijl op vele lengten daarachter de namen Trijn en Anna volgden. Ook bij deze drie voornamen valt het gebruikvan afgeleide "heiligennamen" op. De drie genoemde namen werden in totaal door 71 van de 159 bruiden gevoerd, hetgeen ongeveer 45% van het totaal uitmaakt. Bij de dames dus een grotere spreiding over de verschillende namen, met een uitzondering voor de naam Maertje.
De konklusie, die uit deze beide overzichten kan worden getrokken is, dat de kansen op een huwelijk tussen Jan en Maertje bijzonder hoog waren, waarbij Jan de meeste konkurrentie had te duchten van Cornelis en Pieter, terwijl Maertje haar charmes vooral moest gebruiken om Trijn en Anna de loef af te steken.
In werkelijkheid trouwde een Jan 9 maal met een Maertje.

Afleiding voornamen

Tenslotte is het interessant om de voornamen van de mannen en vrouwen eens aan een nadere beschouwing te onderwerpen. Waarvan zijn deze namen afgeleid, zijn het namen die voortkomen uit het fries of uit het germaans, of zijn ze oorspronkelijk gegeven om heiligen of bekende persoonlijkheden te vernoemen? Er zijn vele mogelijkheden en ze zijn niet allen te achterhalen.
Om maar weer met de mannen te beginnen. De volgende mannelijke voornamen zijn afgeleid van heiligennamen etc:

Adriaen
Arian
Claes
Cornelis
Frans
Hasker
Jacob
Jan
Joris
Maerten
Michiel
Mouris
Pieter
Sijmon
Theunis
van Hadrianus (zie Arian en Ariaantie)
van Hadrianus (zie Adriaen en Ariaantie )
van Nicolaas
van Cornelius (zie Cornelisje en Neeltje)
van Franciscus
van Johannes (zie Jan en Jannetie)
van Jacobus
van Johannes (zie Hasker en Jannetie)
van Gregorius
van Martinus (zie Maartje)
van Michaël
van Mauritius
van Petrus
van Simon
van Antonius

De volgende is afgeleid van een friese naam:

IJff
van Ivo of Ive (zie IJfje)

De overigen zijn afgeleid van een tweestammige germaanse naam:

 
Allard
Almer
Bouwen
Dirk
Freedrik
Garbrant
Gerrit
Harmen
Hendrik
Hilbrand
Olbrant
Volkert
Willem
IJsbrand
van Adelhard
van Aldemar
van Boudewijn
van Diederik
van Frederik
van Gerbrand
van Gerhard
van Herman
van Heimrik
van Hildebrand
van Olbrand
van Folkert
van Wilhelm
van Isebrand
=
=
=
=
=
=
=
=
=
=
=
=
=
=
sterk door adel;
beroemd door ervarenheid;
stoutmoedige vriend;
machtig onder het volk;
machtige beschermer;
vlammende zwaard-speer;
sterk met de speer;
held van het leger;
machtige in het heem;
strijdzwaard;
zwaard van de erfgrond;
sterke onder het volk;
beschermer van de wil;
ijzeren zwaard.

De achter deze germaanse namen vermelde betekenissen moet wel met de nodige reserve worden gebruikt. Het is niet altijd geheel duidelijk welke waarde aan de begrippen moet worden toegekend. De hier gebruikte germaanse stamwoorden zijn: adel = adel, hard = sterk, aId = ervaren, mar = beroemd, boud = stoutmoedig, win = vriend, diet = volk, rijk = machtig, frede = bescherming, ger = speer, brand = zwaard, her = leger, man = held, heim = heem, hild = strijd, ol = bodem of erfgrond, folk = volk, wil = wil, helm =,beschermer, ijs= ijzer.

Bij de vrouwelijke voornamen is de oorsprong zoals hieronder vermeld aan te wijzen:
Van heiligennamen zijn afgeleid:

Aegje
Anna
Ariaantje
Barbara
Catrijna
Cornelisje
Griet
Jannetie
Lijsbet
Maertje
Maijke
Neeltje
Stijn
Trijn
van Agatha
van Hanna (hebreeuws)
van Hadrianus (zie Adriaan en Arian)
van Barbara
van Catharina (zie Trijn)
van Cornelius (zie Neeltje en Cornelis)
van Margareta
van Johannes (zie Hasker en Jan)
van Elisabeth
van Martinus (zie Maerten)
van Maria
van Cornelius (zie Cornelisje en Cornelis)
van Christina
van Catharina (zie Catrijna)

friese namen zijn afgeleid:

Aafje
Bregje
Duijfje
Fijke
Guurt
Meijns
Reijne
IJfje
van Ave, een verkorte naam
van Brecht
van Duive
van Feie, een verkorte naam
van Guert
van Meine
van Rein
van Ivo of Ive (zie IJf).

De overigen zijn afgeleid van een tweestamming germaanse naam: 

Aelbertie
Alijd
Aeltje
Dieuwer
Geertruid
Hillegont
Magtel
van Adelbert
van Adelheid
eveneens van Adelheid
van Dieuwert
van Geertruida
van Hildegonda
van Mathilde
=
=
=
=
=
=
=
door adel schitterend
van edele gestalte

bewaker van het volk
tovenares met de speer
zonder aanwijsbare betekenis
machtige strijdster

De betekenis van de hier gebruikte germaanse stamwoorden is, voorzover niet reeds eerder vermeld, als volgt: bert = schitterend, heid = geslacht of gestalte, ward = hoede, drude = tovenares, gond = strijd, mat = macht.
Dus bij de vrouwen-voomamen een opmerkelijk minder aantal afgeleid van tweestammige germaanse namen en meer van friese voornamen. Het trekken van konklusies, zo die er al mochten zijn, wordt verder gaame aan de lezer overgelaten.

Vernoemen

Bij het geven van voornamen bestonden er en bestaan er nog steeds bepaalde vaste gedragslijnen. In het algemeen werd in Nederland bij het geven van een voornaam aan het eerste kind de naam van de ouders van de vader gebruikt, uiteraard afhankelijk van het geslacht naar de grootvader of naar de grootmoeder. Natuurlijk waren er op deze vuistregel allerlei uitzonderingen, die waarschijnlijk emotionele oorzaken hebben gehad. Zo gebeurde het herhaaldelijk, dat niet de grootvader of de grootmoeder van vaderszijde bij de geboorte van het eerste kind werden vernoemd, maar b.v. wel een kort tevoren overleden familielid, waarvan de nagedachtenis door de vernoeming in ere werd gehouden. Anderszins was het ook zeer goed mogelijk om een andere keuze van vernoeming te doen, zodat het vernoemen naar iemand anders plaatsvond, temeer waar dit ook nog de betekenis inhield van het overnemen van gewaardeerde eigenschappen van de "naam-donor", zoals de naamgever met een nieuw woord zou kunnen worden genoemd. En indien men in het geheel niet wenste te vernoemen, dan waren er altijd nog "mooie" namen genoeg te vinden buiten de familiekring.

Niettemin, de regel van het vernoemen bestond en bestaat in vele delen van ons land nog en er wordt nog steeds op deze wijze een voornaam voor het kind gekozen. Maar naast deze eerste gedragsregel werd bij de vernoeming van het eerste kind ook nog de methode gevolgd om de eersteling te vernoemen naar vaderskant als het een jongen was en naar moederskant als het een meisje was. Deze tweede wijze van vernoemen kwam vooral ook voor in de noordelijke provincies, in Twente en de Achterhoek en in Brabant en Limburg, terwijl er ook in West Friesland nogal eens gebruik van werd gemaakt.

Verder zijn er nog twee traditionele gedragslijnen te onderkennen bij de vernoeming van het eerste kind als het een meisje is. Volgens de eerste gedragslijn wordt dit meisje genoemd naar vaders moeder en volgens de tweede gedragslijn naar moeders moeder. In Noord- en Zuid-Holland, Utrecht, de Betuwe, een gedeelte van Noord Brabant en in Drente en omgeving is het gebruikelijk om de eerstgenoemde methode te volgen. Alles bijeen is het echter zaak deze gedragslijnen met erg veel voorbehoud te bezien.

Wat West Friesland betreft kan dus worden gesteld dat ook hier geen vaste en onveranderlijke gedragsregels worden gehanteerd bij het vernoemen. Er werden verschillende methoden gevolgd, zoals hierboven ook reeds aangegeven, maar in het algemeen overheerste toch zeker het gebruik om het eerste kind te vernoemen naar de ouders van de vader.

Onderzoekingen op dit terrein zijn zeer moeilijk. Vaste regelen worden doorkruist door allerlei bijkomstige omstandigheden, waarbij andere belangrijke gebeurtenissen in het leven van de betrokkenen een rol spelen. Het vroegtijdig overlijden van ouders of ooms en tantes, het hoogbejaard worden van grootouders en overgrootouders, het op jeugdige leeftijd sterven van neefjes of nichtjes, het voor de tweede of derde maal trouwen van vader of moeder en nog vele andere overwegingen kunnen leiden tot het afwijken van het gedragspatroon bij het vernoemen. Daarbij komt nog, dat de gegevens uit de 17e, 18e en 19e eeuw meestal moeten worden geput uit kerkelijke registers die veelal onvolledig moeten zijn, zodat reeds het missen van enkele namen of geboorten voldoende is om tot onjuiste konklusies te komen.


© 1954-2019 | Westfriese Families | E-mail | Sitemap
"Die zijn voorgeslacht niet eert, is zijn eigen naam niet weerd."

Westfrieslanddag 2019