Westfriese families
Wapen van West-Friesland
 

Kwartaalbladen » 1967 (jaargang 8) » No. 3 » pagina 47-48

Wie was toch Pieter Jansz. Sleutel?

Dit zullen velen zich afvragen die regelmatig twee keer per jaar een bedragje ontvangen uit het zgn. Sleutel-fonds, afkomstig uit de naIatenschap van Pieter ]ansz. Sleutel.
Groot zijn de bedragen niet; steeds onder de ƒ 10, -, zelfs in veel gevallen minder dan ƒ 1, - per keer! Het is dus niet de grootte van het ontvangen bedrag, dat de belangstelling voor dit fonds doet toenemen, maar alleen het "gerechtigd" zijn in de uit te keren bedragjes, juist nu langzamerhand niet gesproken kan worden van een belangrijke uitkering.

Wij hebben daarom getracht iets meer te weten te komen over de oorsprong van dit fonds en al heel spoedig hebben wij ervaren dat er niet de minste verwantschap bestaat tussen Pieter Jansz. Sleutel en de belanghebbenden.
Integendeel: het enige familielid van Pieter Sleutel, zijn nicht Trijntje Jans Hartog, die bij testament van  21-2-1730 voor Notaris Jacob van Beek te Hoorn tot zijn enige en universele erfgename werd benoemd met haar nakomelingen (zij was gehuwd geweest met Remmit Laan te Middelie; uit dit huwelijk stamt een groot deel van de tegenwoordige familie Laan te Middelie en omgeving) is tot nu toe nog steeds niet in aanmerking gekomen (d.w.z. haar nakomelingen) voor een uitkering uit het vermogen.

Een wonderlijke geschiedenis waaraan men, bij gebrek aan nadere gegevens, allerlei gedachten over de verhouding tussen erflater en familie en tussen erflater en zijn vruchtgebruikers kan vastknopen. Immers zij, die thans nog regelmatig een uitkering ontvangen, zijn slechts nakomelingen van de bij testament genoemde vruchtgebruikers en alleen bij het ontbreken van nakomelingen zal het vermogen komen aan de nazaten van de enige universele erfgename.
En dat zal waarschijnlijk nooit gebeuren. Het aantal rechthebbenden zal waarschijnlijk steeds groter worden, de uitkeringen steeds kleiner maar zolang er maar één vruchtgebruiker over is, krijgen de nakomelingen van de universele erfgename totaal niets.

Om de uitvoering van dit testament te illustreren geven wij hieronder slechts een overzicht van de nazaten van één tak, die der Van Exter's. En zo zijn er ongetwijfeld vele.
Het is de vraag of ze alle nog bekend zijn bij de beheerders van het fonds. Nog meer is het de vraag of de rechthebbenden op het vermogen zelf nog hun rechten kennen. Tenslotte is het de vraag of de erflater zich wel goed bewust is geweest van de mogelijke gevolgen van zijn testament; waarschijnlijk heeft hij nimmer bedoeld, dat al meer dan twee eeuwen lang voortdurend de uitkeringen minder worden, het aantal vruchtgebruikers toeneemt en de kans geringer wordt dat ooit de eigen familie aan zijn trekken komt.

In grote lijnen luidde het testament (gemaakt op 21-2-1730: daarna nog een toevoegsel op 25-8-1730 "siek te bedde liggende" waarna hij reeds op 12-9-1730 overleed en op het koor der Grote Kerk werd begraven) aldus: nicht Trijntje Jans Hartog werd universeel erfgename; vruchtgebruikers waren een oud echtpaar zolang zij leefden en verder drie kinderen van Antje Lourens, weduwe van Cornelis Backer, nl. Trijntje, Geesje en Jan Backer, voor hen en al hun nazaten; verder een aantal legaten waaronder de Doopsgezinde Gemeente.
Elk der drie Backertjes waren dus gerechtigd tot een derde deel der inkomsten uit zijn erfenis, te beheren door twee met name genoemde, gunstig bekend staande personen die steeds zichzelf moesten aanvullen en voor hun arbeid een kleine vergoeding kregen. Feitelijk zijn er dus tot heden twee partijen: de beheerders en de nazaten der drie oorspronkelijke vruchtgebruikers.

Om aan te geven tot welke versplintering van de inkomsten (het kapitaal is op het grootboek tegen 2½% vastgezet al sedert veel langer dan een eeuw!) dit leidt, geven wij hieronder een schema van de Van Exters, nazaten van Geesje Backer. Alweer langs een vrij lange weg: Geesje, reeds op 29-8-1744 overleden, was getrouwd met Volkert Boon, overleden 16-8-1775. Ze hadden drie kinderen: Cornelis, Dirk en Willem.
De middelste zoon, Dirk, getrouwd met Teetje van Dam, had één kind, Lijsbeth, die te Hoorn in 1782 trouwde met Pieter van Exter.
Alle nazaten van Pieter van Exter zijn dus gerechtigd tot een deel van de inkomsten.


© 1954-2017 | Westfriese Families | E-mail | Sitemap
"Die zijn voorgeslacht niet eert, is zijn eigen naam niet weerd."

Westfries Genootschap