Westfriese families
Wapen van West-Friesland
 

Artikelen » WFON

Enkele bijzonderheden uit het leven van Gijsbertus Blankendaal, chirurgijn te Noord-Scharwoude van 1714-1722 (WFON 1975, pagina 116)

Jacob Vroon verklaarde: Dat hij zich op genoemde zondag, na de middag, 'als koster bevond in de Geref. Kerk te Noortscherwout en zijn zitplaats was hebbende in 't bankje aan de Noortzijde van 't Hek, als doen te hebben gezien, dat in 't bankje aan de westzijde van 't Hek 't welk met zijn noorteynde en sulx winkelbaax wijse was geannexeerdt aan de zitplaats van hem, deposant, destijts niemant heeft geseten dan alleen den persoon van Gijsbert van Blankendaal, Chirurgijn tot Noortscherwout voors. hem door den borgelijken omgang zeer wet bekent. Wijders dat bij, getuige, als doen en wel na dat de Aalmoessen voor den Armen waren ingesamelt, in 't gemelde Bankje daar gesegde Blankendaal was zittende, heelt gehoort enig geluyt en gedruppel even als of iemant zijn water maakte, waar op bij, nauwkeurig zijn oog derwaarts wendende, heeft gesien dat genoemde Blankendaal voorover zat met zijn borst genoegsaam aan of tegen en met zijn armen onder de lessenaar van 't Bankje, item dat soo als nog 't selve geluyt continueerde, ter voors. plaatse door de vloer van 't bankje is komen loopen enig water, waarna de voors. Blankendaal, over de lessenaar van 't bankje heen bukkende, zijn oog na de vloer wende, als mede dat nevens de zitplaats van genoemde Blankendaal door zekere naad of openinge van 't voorschotje van 't genoemde bankje enige vogt quam doorzijgen. Verder dat hij, getuige, immediaat (= onmiddelijk) na 't uytgaan van de kerk heeft gesien en bevonden dat 't selve voorschotje ter voors. plaatse aan de binnenkant merkelijk nat was, beginnende ruym ter halver hoogte en gaande met een straal nederwaarts eerst tot op 't voetbankje en van daar op de vloer van de gemelde zitbank, alwaar zig een merkelijke quantifeyt nat verspreyt hadt'.

Een ongeveer gelijke verklaring werd afgelegd door de 26 jarige diaken, Ootjer Reyers Outkarspel.

Over de nasleep van dit gebeuren is verder niets gebleken, maar het zal wel de nodige opschudding hebben veroorzaakt. Of een en ander mede de reden is geweest dat het gezin het dorp heeft verlaten is alleen maar te veronderstellen. Op 9 april 1722 verkocht de chirurgijn zijn huis bij de Mosselbrug en op 5 juni daar aan volgend wordt aan het echtpaar Blankendaal kerkelijke attestatie verleend wegens vertrek naar Oudkarspel. De ambtsperiode te Noord-Scharwoude was hiermede ten einde.

J. P. GEUS

Capelle aan de IJssel, januari 1975

Bronnen:
Rijksarchief voor Noordholland te Haarlem, oudrechterlijk archief transportregisters van Noord-Scharwoude en notarieel archief no. 6575. Register van de impost op het trouwen te Noord-Scharwoude. Gegevens uit de tot het kerkelijk archief behorende lidmatenlijsten zijn mij destijds welwillend afgestaan door de Alkmaarse genealoog, de heer A. Mekken.

« Vorige pagina


© 1954-2019 | Westfriese Families | E-mail | Sitemap
"Die zijn voorgeslacht niet eert, is zijn eigen naam niet weerd."

Westfrieslanddag 2019